ADVIES VOOR BEGINNENDE GLAS VERZAMELAAR

 

De beginnende verzamelaar staat voor een aantal keuzes.

1.      Periode fabricage

2.      Land van herkomst

3.      Diverse fabrieken uit land van herkomst

4.      Inhoud van collectie qua objectvormen

5.      Financiële keuze

6.      Kwalitatieve staat van de objecten

Periode fabricage

Het glas heeft zich in de loop der eeuwen op diverse manieren ontwikkeld.  Kort door de bocht kan men de volgende indeling aanhouden.

Het vroege antieke (o.a. Romeins) glas.  Interessant maar moeilijk verkrijgbaar en kan bijzonder kostbaar zijn als het om goede stukken gaat.

De periode 1700/1850. In deze periode is met name door de invloed van de Italiaanse glasblazers de glasindustrie in Europa op gang gekomen.  Het Boheemse gebied (Tsjechië, Oostenrijk, Duitsland, Polen) ontwikkelde zich snel in allerlei verschijningsvormen.  Ook in Frankrijk, Spanje, Engeland, Nederland en België ging de ontwikkeling snel. Scandinavië  en de Verenigde Staten nemen binnen deze groep weer een aparte plaats is. Het gaat in deze periode met name om zwaar bewerkte/geslepen stukken. Is een heel interessante periode maar de herkomst van de diverse stukken is zeer moeilijk te bepalen, tenzij het stukken zijn die omschreven zijn in de uitgebreide literatuur over deze ontwikkelingen

De periode na 1850. In Europa komen een aantal stromingen op gang,  o.a. Art Nouveau, Jugendstil, Arts & crafts, Art deco.  Men ziet een aantal bijzondere ontwerpen ontstaan, die per gebied toch een andere invulling krijgen. In Nederland ontstaan strakke vormen die heden ten dage nog modern te noemen zijn. De 2 glasfabrieken in Leerdam en Maastricht zijn elkaars concurrenten en er wordt nogal eens ‘leentje buur’ gedaan als het gaat om modelvormen. Dit fenomeen wordt ook toegepast door de Belgische glasfabriekanten, die nogal eens de neiging hadden om met name modellen van Nederlandse vazen iets te veranderen en ze dan als nieuw ontwerp op de markt te brengen. Ook nu is er vaak nog steeds verwarring over de ontwerpers naam van sommige stukken.

De periode na 1945. In het algemeen worden de vormen strakker en simpeler. Met name de ontwikkelingen rond 1950 geven een versobering van modelvormen aan (uiteraard met de nodige uitzonderingen). De periode rond 1960  (de flower power tijd) zorgt voor een geheel ander kleurgebruik (oranje/paars/appelgroen etc.). Het wordt moeilijker om ontwerpers/fabrikanten te definiëren omdat het signeren van stukken steeds minder wordt.

Modern- c.q. studioglas. Binnen Europa (en ook andere werelddelen) zijn een groot aantal glaskunstenaars die unieke stukken maken.  De Italianen hebben een grote invloed gehad op de ontwikkeling van het studioglas en de keuzes zijn dan ook talrijk.

Er is voldoende literatuur beschikbaar over bovengenoemde periodes. Bepaal voor je zelf welke periode het meeste aanspreekt.

Land van herkomst

Gezien de enorme hoeveelheid landen waar glasfabricage plaats vindt/vond, is het belangrijk om daarin een keuze te maken.  Een verzameling heeft de neiging bijzonder snel uit te groeien tot een ‘ding’ waarmee het hele huis komt vol te staan en je op een bepaald moment door de bomen het bos niet meer ziet.  Praktijkvoorbeeld ben ik zelf. Het is begonnen met één modern stuk glas van Richard Price, waarna ik besloot dat ik de ontwerpen uit de periode 1900/1950 van Leerdam eigenlijk veel mooier vond. Na Leerdam kwam Maastricht erbij, waarna snel België/Frankrijk/Duitsland/Bohemen volgden. Gevolg…….huis vol en dus maar een eigen zaak in glas begonnen.

Ook  hier geldt weer dat het bestuderen van literatuur en naar aanleiding daarvan een keuze maken in fabriek c.q. ontwerper(s) een aan te bevelen zaak is.

Diverse fabrieken uit land van herkomst

Ieder glas fabricerend land kent een aantal fabrieken, die meestal in de loop der 20e eeuw zijn gefuseerd.  Het voorbeeld in Nederland zijn natuurlijk de fabrieken in Leerdam, Maastricht, Schiedam (flessen). Aan het einde van de vorige eeuw zijn deze 3 fabrieken samengesmolten tot één concern, waarvan alleen Leerdam als servies- , vazen en objecten producent is overgebleven.  Er heeft een sterke industrialisatie van massa productie plaatsgevonden die zijn verdeeld over diverse werelddelen.

Probeer als beginner een keuze te maken voor één fabriek.  Je kunt later altijd nog besluiten om uit te breiden.

Inhoud van collectie qua objectvormen

Ook hier is de keuze weer groot. Een grove onderverdeling zijn de glasserviezen,  overige huishoudelijk georiënteerde zaken (zoals kaasstolpen, beschuitbussen etc.), vazen en kunstobjecten.

Als je besluit tot glasserviezen raad ik aan om van ieder servies 1 of 2 glazen/karaffen/overige serviesonderdelen van de gehele servieslijn te verzamelen (1 voor vitrine/1 voor evt. breuk). Dit kan interessant zijn, maar neemt enorm veel plaats in.

Huishoudelijk georiënteerde zaken zijn leuk, maar vertegenwoordigen over het algemeen geen bijzondere waarden.

Vazen zijn er natuurlijk in allerlei vormen, maten en kleuren.  Vaak zijn de diverse vormen in meerdere kleuren uitgevoerd (bijv. annagroen, paars, amber, fumi, blauw). Je kunt ook besluiten om voor één bepaalde kleur te gaan (bijvoorbeeld annagroen). Binnen deze groep zijn er ook speciale series zoals bijvoorbeeld de Serica’s uit Leerdam en de Manuvaria uit Maastricht. Deze laatste 2 groepen zijn vaak iets kostbaarder maar wel erg mooi en waardevast.

Een aantal fabrieken brachten/brengen ook Unica series uit. Dit impliceert dat er van een bepaalde vorm maar één is gemaakt, alhoewel het kan voorkomen dat er ook kleurvariaties op een bepaald model zijn. De prijzen binnen deze Unica series kan sterk variëren van redelijk goedkoop tot uitgesproken duur (afhankelijk van de smaak van de markt op dat moment). Een voorbeeld hiervan zijn de z.g. ‘oorlogs unica’s’ van Leerdam die door een gebrek aan kleurstoffen in de periode 1939/1945 voornamelijk in grijs/helder/flessengroen werden uitgevoerd. Deze unica’s zijn vaak voor zeer redelijke prijzen te koop terwijl andere (met name de periode 1920/1935) uitgesproken onbetaalbaar kunnen zijn.

Maak een keuze waarmee je de verzameling wilt beginnen maar oriënteer je goed over de beschikbaarheid van die keuze. Sommige groepen zijn beperkt verkrijgbaar en andere weer in grote hoeveelheden. Bepaal vooral wat je mooi vindt.

Financiële keuze

Het is natuurlijk afhankelijk van de bedragen die je kunt/wilt besteden om een collectie te starten en uit te breiden. Hoe gerichter je verzamelt, hoe makkelijker het wordt om te bepalen wat je er aan uit wilt/kunt  geven. Je kunt een verzameling starten met bijvoorbeeld een servies, waarbij je gemiddeld tussen de € 7,50 en € 35,- voor een serviesonderdeel uitgeeft.  Vazen zijn te verkrijgen vanaf ongeveer € 15,- tot onwaarschijnlijk hoge bedragen (€ 30.000,-).

De waardevastheid van sommige stukken is erg goed en kan zelfs groeien. Het komt voor dat er periodes zijn (zoals bijvoorbeeld nu) dat prijzen iets dalen door economische omstandigheden. Er zijn duidelijke prijsverschillen tussen aankoop via veilingen en aankoop in gespecialiseerde winkels, die uiteraard gewoon winst moeten maken. Ook op rommelmarkten en verzamelaars beursen kun je vaak goede stukken voor een lager bedrag dan de werkelijke waarde vinden.  De kringloopwinkels hebben op dit gebied een steeds minder aanbod, omdat zij tegenwoordig ook heel goed de waarde van bepaalde stukken kennen en deze dus via een (eigen) veiling of onderhands bij  de handelaren aanbieden om ook hun winst te kunnen verhogen. De meeste kringloopwinkels zijn namelijk gewoon een commercieel bedrijf geworden.

Kwalitatieve staat van de objecten

Het is heel belangrijk om gave stukken aan te kopen. Op het moment dat er chips/barsten en diepe krassen in zitten, verliest het object zijn waarde, tenzij het een uiterst zeldzaam en uniek stuk is. Deze stukken zijn vaak in musea te bewonderen omdat een kleine beschadiging hier minder belangrijk kan zijn. Je kunt niet verwachten dat stukken die uit de vorige eeuw komen, volkomen gaaf zijn waar het gaat om kleine gebruikskrasjes. Deze leveren dan ook geen specifieke waardevermindering op. De kans dat je een 100% gaaf stuk tegenkomt (met name bij vazen) is dan ook praktisch uit te sluiten.

Het kan zijn dat vazen/glazen een soort grijze waas hebben. Dit kan kalkaanslag zijn of serieuze glas-corrosie. Dit laatste wordt veroorzaakt door de inwerking van (planten)zuren in het glas, die in feite de soda uit de glassamenstelling los maken. Ga hier zelf niet mee rommelen omdat daardoor de kans bestaat dat het alleen maar erger wordt. Er bestaan mogelijkheden om deze aanslag professioneel te laten verwijderen, maar dan moet de waarde van de vaas (financieel of emotioneel) wel in verhouding staan met de kosten die hiermee gepaard gaan. Vieze vazen kun je een nacht in de Biotex zetten en daarna goed schoonmaken en afdrogen. Hiermee gaat het meeste losse vuil eraf en blijkt daarna of er sprake is van een echte beschadiging door gebruik.  Zet kristal en/of oud glas nooit in de afwasmachine! Dit veroorzaakt heel snel beschadigingen.

Als beginner heb je soms de neiging om toch beschadigde stukken aan te kopen omdat je denkt dat ze zeldzaam zijn. Niet doen of laat je adviseren door een expert, die kan bekijken of de schade nog te herstellen is. Uiteraard kom je soms dingen voor een paar Euro tegen, die je gewoon kunt kopen met het risico dat het niet schoon te krijgen is. Dit zijn leermomenten. Je kunt ze vaak nog gewoon gebruiken om bijvoorbeeld bloemen in te zetten, want als er water in zit zie je de aanslag c.q. het chipje niet.

 Conclusie

Als je begint met verzamelen doe dit dan vooral omdat je de objecten zelf mooi vindt. Het heeft geen zin om geld uit te geven aan iets dat niet aan je schoonheidsideaal voldoet, want je moet er wel tegenaan kijken. Iets wat vreselijk duur is, hoeft niet altijd mooi te zijn in jouw ogen.

Wordt lid van verenigingen die op dit gebied actief zijn. Zij hebben vaak excursies naar musea en kunstmarkten en je leert heel snel door de uitwisseling van informatie onderling.

Ga zo veel mogelijk naar musea waar goede tentoonstellingen zijn. Op internet staat vaak aangegeven wat voor collecties er beschikbaar c.q. bezichtigbaar zijn.

Oriënteer je eens op internet (bijvoorbeeld marktplaats) om te bekijken wat er wordt aangeboden en de prijsontwikkeling van de biedingen. Mocht je besluiten om via internet aan te kopen dan kan het zijn dat je een stuk koopt dat op het eerste gezicht goed lijkt te zijn,  maar achteraf toch wel heel veel krasjes heeft. Let dus goed op de conditie omschrijving, zodat je eventueel met de verkoper kunt overleggen over het wel of niet accepteren van de koop.

Op 29 juni 2010 heropent het Nationaal Glasmuseum in Leerdam. Door een uitgebreide verbouwing wordt het nu mogelijk om de gehele basiscollectie van het museum in een soort open depot te bewonderen. Op www.nationaalglasmuseum.nlis allerlei informatie te vinden over de collectie, die je ook kan helpen om je keuze te bepalen.

Een interessante website,  waar heel veel informatie over de wereldwijde glaskunst op staat,is www.hogelandshoeve.nl . Op deze site staan een groot aantal links naar verzamelaars, dealers, musea e.d.

Ieder jaar vindt begin september de Glasbeurs in Leerdam plaats ( www.glaskunstbeurs.nl) . Hier staan standhouders die op allerlei gebieden aanbod hebben. Je krijgt daar een mooi beeld van het totale aanbod en kan je helpen om te bepalen waar je voorkeur naar uit gaat.

Veel plezier met verzamelen.

Jacqueline Richter

GlaswerkRichter B.V.

(www.glaswerkrichter.nl/jacquelinerichter@orange.nl